dinsdag 18 augustus 2015

Voor mezelf zorgen als ouder

En daar sta ik dan met mijn goede ideeën. Soms loop ik weleens vast met mezelf in de opvoeding van mijn kinderen. Zoals ik in mijn eerdere blog beschreven heb, probeer ik een balans te vinden tussen de behoeftes van mijn kinderen, mezelf en mijn man. Echter sta ik weleens voor dilemma’s. Uit onderzoek is bijvoorbeeld gebleken dat het laten huilen van je baby schadelijk is voor hun hersenen. Ze zijn nog niet in staat zichzelf emotioneel en fysiek te reguleren. Hier hebben ze een volwassene voor nodig.

Zelf probeer ik dan ook altijd voor de behoeftes van mijn baby klaar te staan, tot hij een leeftijd heeft om in staat te zijn tot overleg. Lex en Sylke kan ik bijvoorbeeld heel goed uitleggen waarom iets nu even niet direct kan, maar onze 3 maanden oude baby Jim niet. Dus tot hij daar wel oud genoeg voor is, sta ik voor 99,9% constant klaar voor het invullen van zijn behoeftes. Zo is lichamelijk contact, samen slapen, dragen en voeden op verzoek allemaal erg belangrijk. Toch probeer ik ook mijn eigen behoeftes en grenzen in de gaten te houden. Waar nodig vraag ik ondersteuning in het invullen van mijn eigen behoeftes. Ze zeggen niet voor niets it takes a village to raise a child. En tja ik heb er zelfs drie. Dus in mijn eentje is dat overdag best lastig.
I
k loop dus weleens vast. Ik wil zo veel mogelijk genieten van mijn kleintjes, want ze worden zo snel groot. Dat samen slapen en het dragen in een draagdoek is fijn en duurt eigenlijk maar een hele korte periode van hun leven. Ik besef me dat nu bij het derde kind des te meer. En toch ben ook in weleens moe. Soms ben ik draag-moe, wil ik ook even slapen zonder dat de baby me wakker houdt, wil ik mijn lijf even voor mezelf, ben ik 2 kindjes aan de borst even zat etc. Voor jezelf zorgen is belangrijk en mijn kinderen hebben er niks aan als ik mezelf voorbij loop. Balans hierin vinden is op de jonge leeftijd van een baby erg lastig, het evenwicht zal met het oog op later meer naar mijn baby uit slaan en eigenlijk pas later zal hier echt een balans in komen.

Dus hoe ga ik er mee om als ik er weleens klaar mee ben? Hoe zorg ik voor mezelf, zonder over de grenzen van mijn kinderen heen te gaan. In onze cultuur wordt vaak tegen ouders gezegd dat ze ook aan zichzelf moeten denken. Hierdoor worden baby’s snel naar eigen kamers geschoven etc. Echter is dat in mijn ogen niet het beste voor mijn kinderen, dus ik wil dat niet. De uitspraak dat ik ook aan mezelf moet denken, vind ik met de jonge leeftijd van mijn kinderen dan ook een hele lastige.
Toch geloof ik dat de kracht van opvoeden ligt in voorleven en dus het goede voorbeeld geven. Dus als ik mezelf voorbij loop geef ik ook niet het goede voorbeeld hoe je voor jezelf moet zorgen. Dus wat doe ik als ik er weleens doorheen zit?

Ik vraag hulp. Zo vraag ik aan mijn man of hij even Jim kan dragen als ik het zat ben. Of dat hij even met Jim beneden kan zitten als hij ligt te huilen (en hem brengt voor een voeding) zodat ik heel even kan slapen. Ik ga niet afkolven om te kunnen slapen. Persoonlijk zie ik daar het nut niet van in. Immers moet ik dan alsnog mijn wekker zetten om te kolven, dus ik voed zelf, maar manlief doet dan even het troosten en het huid-op-huidcontact als Jim niet direct terug in slaap valt. Ik heb namelijk 3 kinderen. Als Jim de eerste was geweest hadden we ’s morgens wat langer in bed kunnen blijven liggen, maar bij ons is vaak 1 van de andere kinderen al weer om half 7 wakker.

Daarnaast helpt het samen slapen mij over het algemeen juist. Sylke en Lex hebben ook bij ons op de slaapkamer gelegen in het begin, alleen wel in een eigen wiegje. Sylke een maand of 8. Ook Lex heeft 8 maanden in een eigen wieg gelegen. Daarna heeft peter een co-sleeper van een ikea ledikantje gemaakt en heeft Lex daar tot 15 maanden geslapen. Als van zelf wilde hij daar niet meer slapen en verplaatste hij naar zijn eigen kamer. Hier hebben wij niet in gepusht. Met Jim slaap ik alleen al vanaf het begin samen. De co-sleeper staat nog steeds tegen ons bed. Jim wil er alleen niet in. We hebben ons bed veilig gemaakt en vanaf dag 1 slaapt Jim tegen me aan. Soms schuif ik hem wel in de co-sleeper (als hij het toelaat). Eigenlijk slaap ik daardoor veel beter dan ik bij de andere 2 ooit gedaan heb. De eerste paar weken moest ik wennen aan zijn geluidjes en werd ik overal wakker van. Na doorzetten, ben ik er nu aan gewend. Ik word al wakker voordat hij echt wakker word om te drinken. Ik leg hem dan aan en daarna slapen wij meestal verder.

Het enige moment wanneer samen slapen, in mijn beleving, dus vermoeiend is, is als Jim onrustig is ’s nachts. Maar aangezien we hem niet willen laten huilen, ben ik daar sowieso dus wakker van (of hij nu bij me slaapt of niet). Voor dit soort momenten vraag ik, als ik het zelf even niet meer trek, dus hulp ’s nachts. Maar ook overdag. De andere kindjes gaan overdag bijvoorbeeld nog een dagje in de week naar onze gastouder. Als de oudere kinderen daar zijn en de baby slaapt, doe ik ook even een dutje om bij te tanken.

Als ik met andere draagvriendinnen ben, vraag ik weleens een andere volwassene om mijn kind te dragen. Ik ga weleens bij iemand op de koffie, of op pad om de sfeer een beetje te doorbreken als ik er even doorheen zit.
Daarnaast zijn er ook momenten dat hulp niet kan. Manlief is bijvoorbeeld zelf ook moe en moet er vroeg uit voor zijn werk. De gastouder kan niet op de kinderen passen. Of niemand is beschikbaar voor een afspraak of om te helpen. Wat doe ik dan? Ik heb zelf gemerkt dat berusting in de situatie mij heel veel geholpen heeft. In het begin bleef ik met een huilend kind in bed liggen, hem sussend, hopend dat we snel weer in slaap zouden vallen. Als dit niet werkte ging ik er toch maar uit. Ik merkte dat op het moment dat ik dacht, dan ben ik maar moe en ben ik wakker beneden, het is niet anders, ik direct minder moe was. Gek hoe dat werkt eigenlijk. Instelling is dus het halve werk. Ik stel me dus in dat baby’s nooit weggelegd en neergelegd willen worden. Dat ze tot hun 2e a 3e levensjaar niet door zullen slapen en 12x (of vaker) per dag willen drinken. Het cultureel niet geaccepteerd, wat ik krijg constant vragen over hoe de nachten gaan en hoe vaak hij nog drinkt etc. Echter is het wel biologisch normaal gedrag voor mijn baby. Uit onderzoek is gebleken dat het ’t beste is voor de emotionele ontwikkeling van mijn baby als ik hem daarin ondersteun. Dus het helpt mij om me er bij neer te leggen. Ik weet dat het er bij hoort en dat ik nu dus even wat vermoeider ben dan anders. Ik wil daardoor niet klagen.


Daar krijg je dan het volgende punt waar ik weleens vast loop. Het niet willen klagen. Ik ben best streng voor mezelf. Omdat het normaal is, ik daarvan op de hoogte ben en ik me weleens irriteer aan de culturele normen die hier tegenin gaan, mag ik het van mezelf niet zwaar vinden. Ik moet genieten, wat mijn baby die loopt over een paar maanden al weer en gaat over 3 maanden al weer hapjes vast voedsel proberen. Maar ook hier heb ik gemerkt dat hoe strenger ik voor mezelf ben, hoe kleiner ik de ruimte voor mijn kinderen en hun behoeftes maak. Ik zal daarin dus ook zacht voor mezelf moeten zijn. Tegen mezelf moeten zeggen dat het even zwaar is, dat ik moe MAG zijn en dat ik het af en toe ook best zat MAG zijn. Empathie bij anderen vragen helpt me dan enorm. Maar ook empathie aan mezelf geven. Lief voor mezelf zijn. Mensen denken soms dat het lief voor jezelf zit in een avondje weg zonder de baby. Echter kan het wat mij betreft ook anders. Ik vind het bijvoorbeeld fijn om even zelf ongestoord te douchen. Dus ga ik douchen als Jim rustig is en Peter thuis is. Zo heb ik heel even tijd voor mezelf, zodat ik lief voor mezelf kan zijn. Want als ik er door heen zit, heb ik dat nodig. Ik geloof ook echt dat mijn kinderen dan ook weer leren lief voor hun zelf te zijn later, als ik nu voor mezelf zorg. Echter doe ik dat zorgen voor mezelf iets anders dan hoe onze culturele normen ons voorschrijven hoe we voor ons zelf moeten zorgen als ouders.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten